Nieuwe route door Zimbabwe en onrust in Mozambique

Lees het verhaal
Karin Saakstra
Lees het verhaal
Matopos, onweer op komst

Deze kennen we nog niet. We rommelen wat rond de auto als Ed opeens ziet dat alle lichtjes in het dashboard branden. Heel gek want de sleutel hangt achterin aan het vaste haakje. Het verhaal wordt nog vreemder als Ed de auto start, vervolgens weer uitzet en de sleutel uit het contactslot haalt. De lichtjes blijven branden maar nu blijft ook de motor nog lopen. Natuurlijk gebeurt dit soort gekkigheid nooit ergens bij een Toyota garage in de buurt of op een handig tijdstip. Het is nog een uurtje voor het donker wordt en we staan zo’n vijftig kilometer buiten Bulawayo in Zimbabwe op een prachtig uitzichtspunt.  We zien de bliksem verderop om de rotsformaties heen dansen.

Is het een zekering of is het de accu?

We staan in de buurt van Matopos, dat ‘kale hoofden’ betekent. Eigenlijk een heel logische referentie naar de ‘koppies’. Grote ronde, balancerende stenen die in soorten en maten, door de natuur kunstig gestapeld, in de rotsige omgeving te vinden zijn. Op een rotsplateau bij het prachtig gelegen ‘Farmhouse’ kamperen we tussen giraffen, gnoes en zebra’s. Af en toe klauteren de hoefdieren over de stenige platen omhoog om wat te eten te zoeken of nieuwsgierig om onze auto te snuffelen. Omdat er hier ook luipaarden zwerven en je zomaar in het donker, een niet al te vriendelijk bosvarken tegen het lijf kan lopen, rijden we naar het huis van de beheerders, een paar kilometer verderop om wat ‘trouble shooting’ via internet te doen. André en Kerry, die we kennen via de game count, halen hun zoon erbij die automonteur is en Ed graag assisteert bij het afpellen van de mogelijke oorzaken.

Overleg

In alle eerlijkheid wil ik wel bekennen dat ik altijd wat onrustig word van dit soort problemen. Zeker als het donker wordt, er onverwacht een plensbui valt, de bliksem her en der inslaat en de cycades zich na de bui, luid laten horen. Tegelijkertijd kan ik er ook echt van genieten dat (meedenk)hulp zich van alle kanten aandient als Ed zijn technische vangnet uitgooit. Hij vindt zelf iets met een zekering, Michael komt met een bruikbare tip over de accu, Stephan Edzolt is bezorgd dat het hele startgedeelte kapot is en André introduceert ons bij een oudere Zimbabwaan die expert is op het gebied van elektriciteit. We komen de volgende ochtend in Bulawayo, na veel zoeken in een werkplaats terecht waar de werkzaamheden buiten plaats vinden. De accu wordt doorgemeten met een ouderwetse accu-zuurmeter en de andere klanten bemoeien zich gemoedelijk met onze Harry. Ed hangt samen met de oudere elektricien, een Congolese gestrande vrachtwagenchauffeur en een gewapend lid van de anti-stropers brigade over de motor. Ze zijn het met elkaar eens. Er moet een nieuwe accu komen. En zo geschiede. Probleem opgelost.

Matopos

Eigenlijk was het ook wel fijn om zo een paar dagen rond te keutelen in en om Bulawayo. Wat boodschappen doen, gas vullen, ergens lunchen en een bezoek aan Matopos National Park brengen. De stad is wat verveloos maar heeft wel de charme van een oude koloniale stad met veel prachtige oude bomen.  En een volgepakte groente- en fruitmarkt. We kopen een zak kleine vers-gebrande pinda’s, een sappige ananas en avocado’s. Een grote zak verse sinaasappelen hadden we onderweg al gescoord bij een van de stalletjes. Lekker voor een sapje bij het ontbijt

Matopos, moeder en kind

Ons verblijf in Hwange was veel, druk en spannend. Matopos is wat rustiger en vooral landschappelijk prachtig. We komen in een stil deel van het park terecht en krijgen van Andre de tip om naar een hoog gelegen rots-overhanging te lopen waar op dit moment rotstekeningen in kaart gebracht en geconserveerd worden. Gek genoeg komen we geen gate tegen. Opmerkelijk omdat in dit park zowel zwarte als witte neushoorns intensief beschermd worden. Achteraf blijken we onbedoeld een staff-ingang gevonden te hebben die alleen vroeg open staat voor de onderzoekers van de rotstekeningen. Soms vind je zomaar iets dat je niet zoekt.

Oud en goed geconserveerd

De wandeling hoog over de rotsplaten is trouwens meer dan de moeite waard. Lekker de benen strekken, een groots uitzicht en de stilte in de zinderende warmte, kleuren onze dag. We twijfelen nog even of we bij een bergmeertje  blijven overnachten.  Achteraf was dat geen goed plan geweest. Wild kamperen tussen de neushoorns wordt door de patrouilles doorgaans niet erg gewaardeerd. In plaats daarvan eten we mee bij ‘The Farmhouse’

Wild dogs

Na nog een nacht wakker gehouden te zijn door een bosvarken, dat luidruchtig de vuilnisbakken inspecteert, nemen we afscheid van André en Kerry. We zien elkaar bij de volgende game count vast weer. We kauwen nog wat na over de afgelopen weken als we langzaamaan richting Masvingo rijden. In alle hectiek van de leeuwen in Hwange zijn we bijna vergeten dat we onderweg ook nog onze favoriete wild dogs gezien hebben. De eerste troffen we gewond aan op een van de ‘exclusive’ campsites waar hij pas door de dierenarts behandeld was aan ernstige verwondingen, overgehouden aan een ontmoeting met hyena’s.  Hulp wordt in deze gevallen alleen maar gegeven aan een ernstig bedreigde diersoort (en dat zijn wild dogs). Het dier ligt in de schaduw, is niet schrikkerig van ons en wordt door de rest van zijn kleine roedel dagelijks opgezocht. Elke dag rijdt een van de rangers van een nabijgelegen lodge langs met wat vlees. Ontroerend om te zien hoe het beestje niet alleen de toegewijde care-taker zijn gang laat gaan maar ook onze aanwezigheid, zo dichtbij, vertrouwt.  

Andere wild dogs treffen we nota bene in de late avond. Pas sinds kort is vastgelegd dat deze dieren niet alleen in daglicht maar ook bij goed maanlicht jagen. We staan graag in Camp Silwane, in het zuiden van Hwange, op een plek met zicht op de waterhole. In de droge oktober maand zijn hier altijd olifanten te vinden. En die specifieke avond melden zich ook nog eens ongeveer 200 buffels die zich ongemakkelijk dicht bij onze uitzichtsplek wagen. Achter de kleine boma, een rietgedekte zitplek, die we met Sven en een fijn flesje witte wijn delen, rommelt een grote olifant bij het vogeldrinkbakje. Best kinderachtig dat zo’n grijze reus het laatste beetje water van de piepkleine vogeltjes pikt, vinden we.

Wild dog, ook wel painted wolf genoemd

Achter ons dus die ene olifant en voor ons, zo’n 100 meter verder, een grijze wand bestaande uit louter olifanten en buffels. Opeens begint de hele meute, als een geheel, onrustig te bewegen, te tetteren en te loeien. Daartussen zien we kleinere schaduwen rennen, op weg naar het water. Wild dogs in het maanlicht! Een foto lukt echt niet maar de gebeurtenis staat nog wel steeds helder op mijn netvlies gebrand.

Veranderde plannen

Vanaf het moment dat we weer voelen hoe warm het in oktober kan zijn (40 graden plus), de olifantenkarkassen niet echt fris meer ruiken en we de impact van de extreme droogte zien, twijfelen we aan onze plannen na Bulawayo. Het idee is om via een paar tussenstappen naar Gonerazhou te gaan, een beschermd gebied langs de Rundu rivier met zicht op de rode Chilojo kliffen. Tijdens de corona periode zijn we al in dit deel van Zimbabwe geweest maar uiteindelijk verdreven door de regen en het wassende water in de rivier. De oversteekplaatsen door de rivier werden daardoor onbegaanbaar en de paden te glibberig om het park nog verder te ontdekken.

Save Valley

Dit keer is er geen wolkje te bekennen en geeft de weersverwachting alleen nog hogere temperaturen aan. We hakken de knoop door en besluiten verder oostelijk naar Mozambique te rijden. Dat blijft toch een luxe om zo onderweg een andere route te kiezen. We sturen Sas in Mozambique een berichtje met de vraag of zij ons een boeking wil sturen in hun hostel. Zonder boeking wordt het lastiger om de kleine grensovergang bij Espungabera over te steken.

Lake Kyle

Intussen overnachten wij bij Lake Kyle waar we een vergeten nationaal park treffen aan de zuidkant van een groot meer. Het gebouwtje bij de gate wordt of verbouwd of staat op instorten, dat is niet heel duidelijk. We worden verwelkomd met een vette lach, zoals je die zo vaak treft in Zimbabwe.  Met behulp van een krijttekening op de muur wordt de mooiste route aangewezen. De ranger waarschuwt ons dat het park financiele problemen heeft, dus we bereiden ons vast voor op wat ‘achterstallig onderhoud’. Maar niets van dat alles. We treffen een prachtige plek en een brandschone, koele boma. Later begrijpen we dat sommige lokale kerkelijk gemeenschappen hun diensten vaak hier houden en opeens verbaast het poets-team, vijf vriendelijke dames met bezems, ons ook niet meer.  Het uitzicht is uniek en behalve een schoolklasje dat vroeg in de middag een uurtje ‘les in de natuur’ krijgt, zien we niemand. We koken ons potje en genieten nog heel lang van de onwerkelijke kleuren van de ondergaande zon en de opkomende sterren

Twee vriendelijke grazers

De, voor ons onbekende, route die door talloze dorpjes en langs giga Baobabs voert is prachtig en afwisselend.  We houden pauze in de Save-vallei langs het water onder een grote brug. Het is het laagste punt op de route en waarschijnlijk ook de warmste stop. We delen de brede zandstranden langs de rivier met vrouwen en kinderen die de was doen of een bad nemen. Gemoedelijk gaat ieder zijn eigen gang of komt een praatje maken. We delen het laatste fruit dat we nog hebben liggen voordat het overrijp is. Als ik denk even onbespied te kunnen plassen, komt er een klein meisje om het hoekje om even gedag zeggen. En ik zwaai maar terug.

Dagelijkse beslommeringen langs de Save rivier

De lange weg omhoog, terug naar 1200 meter en de vallei weer uit, brengt ons naar het bergachtige Chimamani- gebied. Om dit deel uit te pluizen ben je een tijd zoet. Dat komt een volgende keer. Dit keer rijden we naar het laatste restje beschermd regenwoud bij Mt Selinda, waar het gelijk een stuk koeler is.

Chipinge Road

De Chipinge-weg is ronduit slecht. Een afbrokkelend strookje asfalt, rode klei dat schuin afloopt en kleine taxi’s met een kamikaze rijstijl.  We rijden de afslag bijna voorbij. Het smalle pad voert 4 km diep het bos in naar een zonnige open plek. Echt bijzonder, die woudreuzen, lianen en al dat groen.  Meters boven ons horen we het karakteristieke geluid van de trompetter-hornbills. De nacht heeft ook zo zijn eigen geluiden. Behalve apen horen we ook tot diep in de nacht de mysterieuze klanken van ceremoniële drums verderop in het dorp. Er is waarschijnlijk een trouwerij of een begrafenis gaande, daar komen we niet achter

Mt Selinda, een laatste stuk regenwoud
Op weg naar Mozambique

Eenmaal terug op het kleipad vragen we ons de volgende dag wel af of dit echt de goede weg naar de grens is. We rijden langs velden waar van alles wordt verbouwd, door hoge bossen en tussen het bamboe. Uiteindelijk komen we toch uit bij een slagboom. Het duurt even voordat iemand van immigratie en customs van Zimbabwe is opgetrommeld maar na een klein uurtje kunnen we verder naar een spiksplinternieuw gebouw in Mozambique. Dat wordt echter niet gebruikt dus we melden ons in een zee-container bij een hele strenge geüniformeerde meneer. Het wordt weer een, bijna gebruikelijke, grote verwarring. De naam van madame ontbreekt op de reservering in Tofo. Er staat alleen ‘familie’. Dat is een probleem. Maar volgens de strenge meneer kan ik ook niet zonder auto alleen terug naar Zimbabwe. Misschien is er een oplossing. Ook al hebben we geen visum nodig , er moet toch wel weer een permit  betaald worden. De douane zit er niet gratis legt de immigratie-officier uit. De permit kost dan opeens weer veel meer dan op het papiertje aan de muur staat. We blijven maar een beetje suffig zwijgen. Uiteindelijk wordt Chris  in Tofo gebeld of hij ons echt wel kent en weet dat we zijn richting op komen. We bieden voor de zekerheid maar omstandig onze excuses aan (altijd goed) en we laten zien dat we alleen gepast Meticals bij ons voor het officiële tarief (leugentje om bestwil). Een rol pepermunt doet ook wonderen en uiteindelijk worden we vriendelijk uitgezwaaid. Boa Viagem! Goede reis! Helemaal wennen doet het nooit.

Onderweg naar de kust
Paradijselijk Mozambique

De kortste weg naar de kust van Mozambique ziet er bij nader inzien niet uit alsof we daarmee veel opschieten. Het begin is modderig met veel  lopend en fietsend verkeer. We draaien al snel om toch de langere, geasfalteerde weg te nemen. Die lijkt pas opgeknapt te zijn en we zoeven zonder problemen naar de noord-zuid weg zo’n 1000 meter lager. Alleen even stoppen om wat mango’s en cashewnoten onderweg te kopen. We komen terecht op een weg die aan gruzelementen gereden is door vrachtwagens en bussen. Gatenkaas. Eindeloos veel potholes tot aan Buffalo Camp en dat blijft zo tot we de volgende dag Vilanculos binnen rijden.

We weten dan nog niet dat de verkiezingen in Mozambique niet zonder slag of stoot verlopen zijn.  Twee prominente leden van de oppositie zijn vermoord en in de hoofdstad Maputo wordt geprotesteerd. De reaktie van de regerende partij en politie is niet bepaald zachtzinnig.

De vangst is binnen

Terwijl de eerste rellen zich in de hoofdstad aandienen, lopen wij,niets vermoedend, langs het strand. In Vilanculos is altijd wel wat gaande. De vissers die net gaan of juist binnen komen en opgewacht  worden door de vrouwen die proberen een deel van de vangst te bemachtigen voor verkoop op de markt. Er liggen volle taxi-boten, met nog net een gaatje voor hun laatste vrachtje. Onderweg naar de eilanden in het beschermde Bazaruto gebied vlak voor de kust. En dan is er nog de drukke markt in het centrum. Een wereldstad is het niet maar wel een plek met veel reuring.

De zee rolt af en aan, nog onstuimig door een recente storm. De wind heeft goed huis gehouden en aardig wat van de kustweg en de aanliggende huizen is beschadigd of weg. Een tochtje met de boot zit er niet in dit keer. Ook het paadje dat we de vorige keer volgden om op de markt wat pittige vis-samosa’s te eten is verdwenen. Gelukkig weten de honden van buurman Greg de weg. Hij is Zuid Afrikaan uit Kaapstad en druk bezig vlakbij een mooi strandhuis te bouwen. Meestal drinkt hij in de ochtend een espresso bij ons om zo de nieuwtjes van de dag door te nemen. Af en toe krijgen we een lift van hem in zijn bejaarde, rommelige Landcruiser en langzaam leren we zijn roedel honden kennen. Hij heeft zich het lot van de zwerfhonden in de buurt aangetrokken. Het begon met een jong, zielig beestje maar zijn troep is inmiddels uitgegroeid naar dertien exemplaren. Ze krijgen te eten, zijn inmiddels gesteriliseerd en in ruil voor zijn vriendelijkheid, wijzen de honden zijn vrienden de weg naar het dorp.  Soms komen ze ons zelfs ophalen.  Hoe dat precies werkt weten we ook niet maar grappig is het wel.

Van alles en nog wat

Omdat het af en toe behoorlijk  plenst, lopen we niet ver om te gaan eten.  We staan onder een grote Baobab op Baobab Beach Camp en aan de andere kant van het straatje zwaait Zeta met de scepter. Ze heeft een mini- restaurant met vier tafels en een nog kleinere keuken. We zitten op niet al te comfortabele plastic stoelen, in een soort rieten fietsenstalling, opgevrolijkt met kleurige doeken en zijn na twee dagen al niet verbaasd over wat voor lekkers ze met haar kookvuurtje tevoorschijn tovert. Viscurry, iets lokaals  met cassave en kokos, inktvis of kreeft. In de middag loopt ze, heel slim, even bij ons langs om te vertellen wat er op de markt binnen gekomen is en s’avonds op ons bord kan liggen.

Paradijselijk Pomene

Intussen worden de verhalen over wat er in Maputo gebeurt steeds een beetje ernstiger. Er zijn doden gevallen bij rellen in de binnenstad, veel vluchten zijn geannuleerd en sommige wegen worden geblokkeerd met brandende banden.Het is lastig om een goed beeld te krijgen van de echte omvang van de onrust.  De Internationale pers heeft vrijwel geen belangstelling voor gebeurtenissen in dit land en van de berichten op social media worden we ook niet veel wijzer. Voorlopig lijkt er hier weinig loos te zijn. We halen voor de zekerheid wel vast extra water, boodschappen en wat cash geld onderweg naar Pomene. We willen hier wat tijd doorbrengen vanwege de prachtig kustlijn. En ook wel vanwege de afwezigheid van andere bezoekers. Wat lokale vissers, twee vriendelijk waakhonden en de vrouwen die op het strand de visnetten komen repareren.  We kamperen in een beschermd gebied, vrijwel op het paradijselijke strand. Alleen al vanwege het zicht op de overgroeide ruïnes van wat ooit een presidentiële lodge is geweest, willen we al langer blijven.

Onbezorgd

Het zijn lome dagen. Zwemmen in de idyllische rotspoelen die bij eb vrij komen, fruit kopen bij de dames die met hun goed gevulde manden voorbij komen, vis vers uit de oceaan eten en wat slenteren langs het water. Kleurrijk, warm en zonder zorgen.

Lucky shot
Trouble in Paradise

Een paar dagen later staan we op het strand van Tofo, dat, ook nog na drie jaar, vertrouwd voelt. We staan in het beschutte hoekje van de prachtige tuin van Sas en Chris, die we een beetje uit het oog aan het verliezen waren. De draad pakken we gelukkig al snel weer op en het voelt alsof we niet weg geweest zijn. Hun hond Raley en haar vriendin Lucy rossen als vanouds door de tuin, poes Loopi zit er gezellig bij en de gasten van de hostel lopen af en aan. Er is tijd om samen in het dorp eten ( voor de lekkerste sushi’s moet je echt in Tofo zijn), te wandelen met de honden, boodschappen te doen, koffie te drinken en uitgebreid te ontbijten in de tuin. Natuurlijk hoort daar een dagje Barra bij waar Chris in de lagoon zijn kite-surf lessen geeft. We herkennen het strand daar bijna niet meer omdat de punt van het schiereiland waar deze plek ligt, ‘aan de wandel’ is.  Sommige stukken zijn weggespoeld, andere stukken zijn juist aangespoeld zodat de grote golven van de oceaan veel verder we liggen.

Barra

Ik houd heel erg van de alledaagse dingen die vanzelf langs komen als je ergens vaker of langer komt. Even iets naar Barra brengen dat in de verkeerde auto lag. Ed sleept samen met Sas hun auto terug naar huis als die onderweg niet aan de praat te krijgen is terwijl Chris met de ander auto alsnog onderweg gaat naar zijn surf-leerling. Of even koffie drinken bij het nieuwe bakkertje. We hebben nog zuurkool in de voorraad. Dat wordt stamppot met worst en een juskuiltje. Als toetje vermaken we ons met de oude, onbewerkte filmpjes die Sas en Chris tijdens ons gezamenlijke avontuur in Zambia, alweer 7 jaar geleden, maakten. We houden allebei van onderweg zijn, maar zo af toe een beetje kneuteren is ook heerlijk.

Het is druk in het mooi opgeknapte en knusse hostel maar een dagje vrij kan precies ingepland worden. Sas en ik kunnen dan  samen een dagje naar Inhambane terwijl de mannen het fort bewaken.  Even wat struinen, foto’s maken, de markt op, zoeken naar nieuwe stofjes en ergens onderweg een visje eten. We hebben dat de vorige keren ook gedaan en kwamen dan altijd wel met wat moois terug. Maar het komt er dit keer niet van. Er sijpelen wat berichten door dat er demonstraties in de stad gepland zijn en de winkels dicht gaan. Zelfs in Tofo gaan de paar winkels dicht die het dorp rijk is. Er is zorg dat er een ‘State of emergency’ wordt aangekondigd om de aanhoudende onrust de kop in te drukken en dat zou betekenen dat de grenzen dicht gaan. Voorlopig is de grootste grenspost naar Zuid Afrika (Komatipoort) af en aan dicht en staan er daar met regelmaat vrachtwagens in de brand. Het ziet er niet fijn uit.

Onrust in Maputo voelt heel ver weg

Voor Sas en Chris is het een spannende tijd. De kerstperiode komt er aan en de kans dat de kerstvakantie veel gasten zal brengen, wordt kleiner en kleiner. En hoe deze clash tussen de zittende regering en de leider van de oppositie op termijn af gaat lopen is nog helemaal de vraag. Met pijn in ons hart en niet helemaal gerust ( niet voor onszelf maar wel voor Sas en Chris) treffen we onze voorbereidingen om te vertrekken. Dieseltank vol, watertank vol, koelkast gevuld en nog wat extra geld in de portemonnee. Er loopt een prachtige route via het Kruger Park waarmee we verwachten de wegversperringen en brandende autobanden te kunnen omzeilen.  Of dat gelukt is, lees je in de volgende blog.

Route

Zimbabwe

Hwange NP (Silwane Camp, Gwango Camp), Matobo NP (The Farmhouse), Lake Mutrikwe (Lake Kyle campsite), Mount Selinda (Chirinda Forest Camp)

Mozambique

Buffalo Lodge Camp, Vilanculos (Baobab Beach Camp), Pomene NP (Pomene Beach Camp ), Tofo (Kite Surf Tofo Hostel), Massingir (Covane Community Lodge)

No items found.
Story tags:

More Stories from Archive